Foto: Schmeissnerro, CC-BY-SA 4.0 (Wikimedia Commons)
Gebrüder Mauracher uit Linz bouwde in 1931/1932 een nieuw pneumatisch/elektrisch Hangventielladen-orgel met 38 stemmen (3 vacant), 3 manualen en een vrij pedaal als koororgel voor het Augustiner Chorherrenstift in Sankt Florian (Oberösterreich) Oostenrijk. Het was eerst alleen te bespelen vanaf het Hoofdorgel. In 1951 werd het omgebouwd tot een apart instrument met 2 eigen speeltafels. De orgelkassen zijn historisch en zijn in 1691/1692 gebouwd door Josef Römer. Dit waren voorheen 2 aparte koororgels. Tegenwoordig verkeert het orgel in slechte staat, maar wel bespeelbaar.
Dispositie:
I. POSITIV (C – g3) 56 TOETSEN (EPISTELZIJDE): Prästant 8′, Philomela 8′, Gamba 8′, Dolce 8′, Principal 4′, Mixtur 3-4 fach 2′.
II. HAUPTWERK 1 (C – g3) 56 TOETSEN (BEIDE ZIJDEN): Bourdon 16′, Prinzipal 8′, Bourdonprinzipal 8′, Viola 8′, Doppelflöte 8′, Flöte 4′, Oktave 4′, Rauschquint 2fach 2 2/3′, Mixtur 6-8fach 1 1/3′.
III. HAUPTWERK 2 (C – g3) 56 TOETSEN (EVANGELIEZIJDE): Aeolsharfe 8′, Gedeckt 8′, Flöte Harmonik 8′, Gemshorn 8′, Quintade 8′, Dulciana 8′, Vox Coelestis 8′, Oktav 4′, Rohrflöte 4′, Nasard 2 2/3′, Oktavin 2′, Terz 1 3/5′, Fourniture 6fach 2′, Trompete 8′, Krummhorn 8′, Oboe 4′.
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN (BEIDE ZIJDEN): Prinzipal 16′, Subbass 16′, Salicetbass 16′, Quintbass 10 2/3′, Octavbass 8′, Bassflöte 8′, Posaune 16′, 3 Vacate.
