Uithuizermeeden, Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt

Foto’s: Wim Verburg – 2002

De dispositie van het Mense Ruiter-orgel: (1985)

Hoofdwerk: (C-f3)
Bourdon 16
Prestant 8
Holpijp 8
Octaaf 4
Quint 3
Octaaf 2
Mixtuur 4-5 st.
Trompet 8
Rugwerk: (C-f3)
Fluit Doux 8
Prestant 4
Fluit 4
Woudfluit 2
Sesquialter 2 st.
Dulciaan 8
Pedaal: (C-d1)
Bourdon 16
Prestant 8
Fagot 16
Trompet 8

Koppelingen: Schuifkoppel Hoofdwerk – Rugwerk, Pedaal – Hoofdwerk.
Speelhulpen: Tremulant – 2001.

Vulstem Samenstelling
Mixtuur III-IV-V sterk (Hoofdwerk) C: 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. c°: 2′ – 1 1/3′ – 1′ – 2/3′. c’: 4′ – 2 2/3′ – 2′ – 1 1/3′ – 1′. f”: 5 1/3′ – 4′ – 2 2/3′ – 2′ – 1 1/3′.
Sesquialter II sterk (Rugwerk) C: 4/5′ – 2/3′. c’: 1 3/5′ – 1 1/3′.