Brugg, Reformierte Stadtkirche, Hoofdorgel

Foto’s: Bram Luteyn © 2023

In 1967 bouwde de firma Oskar Metzler & Söhne opus 390. Een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met 36 stemmen, 3 manualen en een vrij pedaal voor de kerk van Brugg (Aargau) Zwitserland. Het instrument is in een bestaande historische orgelkas geplaatst die in 1767 gemaakt is en werd uitgebreid met een nieuwe rugwerkkas. Op 7 mei 1967 is het orgel in gebruik genomen waarbij een concert werd gegeven door organist Oskar Birchmeier met medewerking van een klein orkest o.l.v. Albert Barth en de cantorij van de kerk.

Dispositie:

Hauptwerk (C-g3): 56 toetsen Pommer 16′, Prinzipal 8′, Piffaro 8′, Holzflöte 8′, Octav 4′, Spitzflöte 4′, Quinte 2 2/3′, Octav 2′, Terz 1 3/5′, Mixtur 4 fach (1 1/3′), Dulzian 16′, Trompete 8′.
Rückpositiv (C-g3): 56 toetsen Rohrgedackt 8′, Quintatön 8′, Prinzipal 4′, Hohlflöte 4′, Waldflöte 2′, Sesquialtera 2 fach, Scharff 4 fach (1′), Krummhorn 8′, Tremulant.
Brustwerk (C-g3): 56 toetsen Holzgedackt 8′, Gedacktflöte 4′, Prinzipal 2′, Terz 1 3/5′, Sifflöte 1 1/3′, Octav 1′, Vox Humana 8′, Tremulant.
Pedal (C-f1): 30 toetsen Prinzipal 16′, Subbass 16′, Octav 8′, Quinte 5 1/3′, Octav 4′, Mixtur 4 fach (2′), Posaune 16′, Trompete 8′, Cinq 4′.
Koppelingen: Hauptwerk – Rückpositiv, Hauptwerk – Brustwerk, Pedal – Hauptwerk, Pedal – Rückpositiv, Pedal – Brustwerk.
Speelhulpen: Pleno, Pedalzungen ab.