Foto: Jonas kork, CC-BY-SA 3.0 (Wikimedia Commons)
Johann Michael Kahlert bouwde in 1777 een nieuw orgel voor de Evangelische Sankt Martinskirche in Geismar (Göttingen), Niedersachsen, Duitsland. Philipp Furtwängler und Söhne bouwde in 1861 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met 23 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal in de oude kas. Paul Ott restaureerde het instrument in 1971. Jörg Bente voerde in 2008 weer een restauratie uit.
Dispositie:
Hauptwerk (CD-c3): 48 toetsen Bordun 16′, Principal 8′, Spitzflöte 8′, Rohrflöte 8′ – C-B from Spitzflöte, Octav 4′, Rohrflöte 4′, Quinte 2 2/3′, Octav 2′, Terz 1 3/5′, Mixtur 3 fach, Trompete 8′ – 1971.
Oberwerk (CD-c3): 48 toetsen Geigenprincipal 8′, Salicional 8′, Lieblich Gedackt 8′, Dolceflöte 8′, Octav 4′, Gedactflöte 4′, Waldflöte 2′, Rauschpfeife 2 fach.
Pedal (C-c1): 25 toetsen Subbass 16′, Octavbass 8′, Octav 4′, Posaunenbass 16′.
Koppelingen: Manual Coppel, Pedal Coppel.
Speelhulpen: Kalkant.
