Monschau, Evangelische Stadtkirche, Hoofdorgel

Foto: Sjaak van Loo © 2024

  • In 1903 heeft de Evangelische gemeente in Monschau een nieuw pijporgel aangeschaft, ter vervanging van het uit 1810 daterende instrument van Peter Heinrich Kamper. Het nieuwe instrument werd gebouwd door de firma E.F. Walcker & Cie en kreeg opusnummer 1123, pneumatische tractuur, kegelladen, twee manualen en pedaal met zestien registers. Drie jaar later plaatste Walcker een Subbaß. Het orgel had een organola ingebouwd, dat aan de kerk werd geschonken door dominee Auler. Hiermee kon het orgel met gebruikmaking van papieren rollen spelen zonder dat een organist nodig was. In 1925 werd een elektrische windmotor geplaatst. Het orgel kwam zonder schade de oorlogsjaren door.
  • Ten gevolge van het gebruik van de heteluchtverwarming raakte het orgel in de jaren na 1970 in het ongerede, en in september 1977 raakte het definitief onbespeelbaar. De firma Wilbrand restaureerde en vernieuwde het instrument hierna, waarna het in april 1981 weer in gebruik is genomen. De tractuur is mechanisch aangelegd met sleepladen.
  • In 2016 begon men met een nieuwe restauratie die is uitgevoerd door de firma Weimbs.
  • Het orgel heeft tegenwoordig 18 stemmen, 2 manualen en een vrij pedaal.

Dispositie:

Manual I (C-f3): 54 toetsen Prinzipal 8′, Gemshorn 8′, Oktave 4′, Nachthorn 4′, Querflöte 2′, Mixtur 4 fach (1 1/3′), Trompete 8′, Tremulant.
Manual II (C-f3): 54 toetsen Gedeckt 8′, Quintade 8′, Rohrflöte 4′, Prinzipal 2′, Carillon 3 fach (2′), Zimbel 3 fach (1/2′), Holzdulzian 8′, Tremulant.
Pedal (C-d1): 27 toetsen Subbass 16′, Offenbass 8′, Choralflöte 4′, Fagott 16′.
Koppelingen: Manual I – Manual II, Pedal – Manual I, Pedal – Manual II.