Rennes, Cathédrale Saint-Pierre

Bron foto: Ansichtkaart

Aristide Cavaillé-Coll bouwde het orgel van de kathedraal Saint-Pierre in Rennes in de jaren 1870-1874. In augustus 1874 is het in gebruik genomen. Het instrument werd in 1939-1940 gerestaureerd door Victor Gonzalèz. Onder advies van Gaston Litaize is het in 1971 door de firma Haerpfer-Ermann gerestaureerd en uitgebreid met een rugpositief als vierde klavier. De registertractuur is geëlektrificeerd.

Dispositie:

Grand-Orgue: C – g3 Montre 16′, Bourdon 16′, Montre 8′, Bourdon 8′, Prestant 4′, Grosse Tierce 3 1/5′, Doublette 2′, Cornet 5 rangs, Fourniture 4 rangs, Cymbale 3 rangs, Grande Fourniture 2 rangs, Bombarde 16′, Chamade 8′, Trompette 8′, Clairon 4′.
Positif (1971): C – g3 Montre 8′, Bourdon 8′, Prestant 4′, Flûte 4′, Nasard 2 2/3′, Doublette 2′, Tierce 1 3/5′, Larigot 1 1/3′, Fourniture 4 rangs, Cymbale 3 rangs, Cromorne 8′, Trompette 8′, Clairon 4′.
Récit Expressif: C – g3 Flûte 8′, Quintaton 8′, Voix Céleste 8′, Principal Italien 4′, Octavin 2′, Cornet 5 rangs, Fourniture 4 rangs, Cymbale 3 rangs, Bombarde 16′, Hautbois 8′, Trompette 8′, Clairon 4′.
Écho: C – g3 Bourdon 8′, Prestant 4′, Flûte 4′, Octavin 2′, Piccolo 1′, Ranquette 16′, Voix Humaine 8′, Chalumeau 4′, Tremblant.
Pédale: C – g1 Soubasse 32′, Principal 16′, Soubasse 16′, Bourdon 8′, Flûte 8′, Octave 4′, Flûte 4′, Flûte 2′, Mixture 3 rangs, Basson 16′, Bombarde 16′, Trompette 8′, Clairon 4′.