Scheveningen, Sint Antonius Abtkerk

Foto’s: Wim Verburg – 2002

De dispositie van het Vermeulen-orgel: (1927) / dispositiewijziging 1952

Hoofdwerk: (C-g3)
Prestant 16
Prestant 8
Holpijp 8
Salicionaal 8
Prestant 4
Fluit 4
Quint 2 2/3
Octaaf 2
Mixtuur 3-7 sterk
Trompet 16
Trompet 8
Klaroen 4
Positief: (C-g3, zwelbaar)
Principaal 8
Quintadeen 8
Prestant 4
Concertfluit 4
Spitsquint 2 2/3
Fluit 2
Terts 1 3/5
Mixtuur 3-6 sterk
Hobo 8
Tremulant
Zwelwerk: (C-g3)
Bourdon 16
Prestantviool 8
Roerfluit 8
Viola di Gamba 8
Fugara 4
Fluit 4
Piccolo 2
Nachthoorn 1
Sesquialter 2 sterk
Dulciaan 8
Tremulant
Pedaal: (C-f1)
Resultantbas 32
Contrabas 16
Subbas 16
Zachtbas 16 (transm.)
Octaafbas 8
Gedektbas 8
Octaaf 4
Ruispijp 3 sterk
Bazuin 16
Trombone 8
I+II, I+III, II+III, P+I, P+II, P+III
I+I 4′, I+II 16, I+III 16, II+III 16, III+III 16, P+P 4.
Automatisch pedaal
Setzercombinatie met sequenzer
Generaalcrescendo