Stellichte, Sankt-Georg-Christophorus-Jodokus-Kirche

Foto: Subbass1, CC-BY-SA 4.0 (Wikimedia Commons)

Andreas de Mare bouwde omstreeks 1600 een nieuw mechanisch sleepladen-orgel met orgelluiken voor Kloster Thedinga in Ostfriesland. In 1609 werd het klooster gesloten. De orgelkas werd aangepast en in de Sankt-Georg-Christophorus-Jodokus-Kirche in Stellichte (Niedersachsen) geplaatst. Het pijpwerk kreeg een andere opstelling. In 1910 werd het binnenwerk op de frontpijpen na geheel vernieuwd. Jürgen Ahrend bouwde in 1985 opus 118, een nieuw mechanisch sleepladen-orgel in renaissancestijl met 12 stemmen, 2 manualen en een aangehangen pedaal in de oude kas. De frontpijpen zijn gedecoreerd.

Dispositie:

I. Hauptwerk: CDE – c3 (47 toetsen) Gedackt 8′, Quintadena 8′, Octave 4′, Gemshorn 4′, Octave 2′, Nasat 1 1/2′, Sesquialtera 2 fach, Mixtur 4 fach.
II. Brustwerk: CDEFGA – c3 (45 toetsen) Flöte 4′, Hohlquint 3′ (vanaf c1), Flöte 2′, Regal 8′.
Pedal: CDE – d1 (25 toetsen) Aangehangen.
Speelhulpen: Kanaltremulant, Zimbelstern.