Tournai, Cathédrale Notre Dame, Hoofdorgel,

Foto’s: Willemijn Hissink © 2015

Het mechanische sleepladen-orgel in de kathedraal van Tournai (Doornik) is gebouwd in 1854 door Pierre Alexandre Ducroquet. Dit orgel kwam in de plaats van een instrument van Pieter van Peteghem uit 1768, afkomstig van de abdijkerk van Affligem en in 1808 door Charles Verbeke in Tournai geplaatst. Al in 1860 wijzigde Merklin het nieuwe orgel, waarna het nogmaals door Schyven in 1882 onder handen werd genomen. Sindsdien is er niets meer gewijzigd. De Flûte à Pavillon van het Grand Orgue was oorspronkelijk een Montre 8′. Schyven verwisselde de Salicional 4′ van het Positif door de Flûte Harmonique 8′ van het Récit, en breidde de Salicional tot 8′ uit. Op het Récit verving hij de Clairon 4′ door een Voix Céleste 8′. Ook schoof hij de Gambe 4′ van het Récit op totdat het een Gambe 8′ werd.

Dispositie:

Grand Orgue: C – f3  Montre 16′, Flûte à Pavillon 8′, Flûte 8′, Bourdon 8′, Prestant 4′, Quinte 3′, Doublette 2′, Fourniture V rangs, Cymbale IV rangs, Cornet V rangs, Bombarde 16′, 1ère Trompette 8′, 2ème Trompette 8′, Clairon 4′.
Positif: C – f3 Bourdon 16′, Gambe 16′ (from c°), Montre 8′, Bourdon 8′, Gambe 8′, Salicional 8′, Flûte Harmonique 8′, Trompette 8′, Euphone 8′, Clairon 4′.
Récit Expressif: C – f3 Flûte 8′, Bourdon 8′, Gambe 8′, Salicional 8′, Voix Céleste 8′, Flûte Harmonique 4′, Cor Anglais 16′, Trompette 8′, Hautbois 8′, Voix Humaine 8′.
Pédale: C – f1 Flûte 16′, Flûte 8′, Flûte 4′, Bombarde 16′, Trompette 8′, Clairon 4′.
Koppels en Speelhulpen: Diverse koppels en speelhulpen.