Foto: John Salmon © 2018
Het orgel met gedecoreerde frontpijpen is in 1888 gebouwd door Hill. In 1950 is het door Hill, Norman & Beard gereviseerd en in 1991 is het door N. P. Mander gerestaureerd met behoud van latere toevoegingen. Het sleepladen-orgel is geheel mechanisch en heeft een concaaf pedaalklavier.
Dispositie:
GREAT (C – g3) 56 TOETSEN: Open Diapason 8′ (16 pipes displayed in case), Gedact 8′ (shared bass below GG), Salicional 8′ (Borrowed from Gedact C-G), Octave 4′, Harmonic Flute 4′ (Harmonic from f).
SWELL (C – g3) (ENCLOSED) 56 TOETSEN: Geigen Principal 8′ (C-G from Viole di Gamba), Viole di Gamba (7 grooved to GP), Voix Celeste 8′ TC, Rohr Flute 8′, Geigen Principal 4′, Mixture II (19.22/12.15), Horn 8′ (Volle lengte), Oboe 8′ (Volle lengte), Tremulant (toegevoegd – werkt op beide manualen).
PEDAL (C – f1) 30 TOETSEN: Sub Bass 16′, Violoncello 8′ (Wood – open).
KOPPELINGEN: Swell to Pedal, Swell to Great, Great to Pedal.
SPEELHULPEN: 2 composition pedals to each manual.
