Foto’s: Willemijn Hissink © 2021
F.C. Smits uit Reek bouwde in 1864 een nieuw mechanisch sleeplade-orgel met 2 manualen en aangehangen pedaal voor het nonnenklooster Mariëndaal in Sint-Oedenrode (Noord-Brabant). Het pijpwerk van Manuaal en Positief is op 1 gecombineerde windlade geplaatst. De kas is vermoedelijk gemaakt door beeldhouwer Beuijssen uit Boxmeer. Het instrument heeft opvallende donkerbruine registertrekkers aan weerszijden van de klavieren. Frans Smits III verving in 1912 een register door een Salicionaal 8′. In 1944 liepen kapel en orgel schade op door oorlogshandelingen. Dit is in 1947 gerepareerd door de Gebroeders Vermeulen uit Weert. Verder werd het aangehangen pedaal verwijderd. Ook zijn de manualen en het pijpwerk van de Prestant 8′ vernieuwd. In 1954 trokken de zusters van Mariëndaal in Sint-Oedenrode in bij die van Klooster Soeterbeeck in Deursen (Noord-Brabant). Het Smits-orgel verhuisde mee naar Deursen. Het vorige orgel van Deursen, gebouwd door Pieter Assendelft in 1748, kwam na diverse omzwervingen in de Christus Hemelvaartkerk in Sittard-Vrangendael te staan. De stemming van het orgel is evenredig zwevend. Er zijn geen tongwerken en koppelingen in het instrument geplaatst. Sinds 1992 is het klooster in gebruik als Studiehuis Soeterbeeck van de Radbouduniversiteit in Nijmegen.
Dispositie:
Manuaal: C – f3 Prestant 8′, Holpijp 8′, Prestant 4′, Nazard 3′ Bas, Cornet 2 st. Discant, Octaaf 2′.
Positief: C – f3 Holpijp 8′, Gamba 8′ discant, Fluit 4′ B/D.

